
Houdoe!
AlgemeenDat was even schrikken! Weekblad voor Deurne columnist Cees van den Broek hangt zijn pen aan de wilgen. Tegelijkertijd dacht ik: wellicht is dit dé mogelijkheid om als Koolumnist in het onvolprezen Geitenbleijke mijn opwachting te maken; de een zijn dood is de ander zijn brood, nietwaar?
Ik zette me aan mijn schrijftafel voor de sollicitatiebrief. Geachte heer Bram Vannisselroij, ik hoop dat ik u niet lastig val met dit schrijven, maar ik zou graag de leemte die Cees van den Broek in uw weekblad achterlaat opvullen. Dit in het besef dat dit allesbehalve een sinecure is. Toch wil ik een poging wagen. Ik hoop dat u genegen bent mij een kans te geven. De heer Vannisselroij antwoordde per kerende post: “Ja, graag!” Wat volgde waren keiharde salarisonderhandelingen.
Deal
Uiteindelijk vonden we elkaar in een fantastische deal die ons beiden het winnaarsgevoel gaf. Wanneer ik wilde beginnen, vroeg de hoofdredacteur. Ik zei: per direct. Ik zag dat er een last van zijn hoofdredactionele schouders viel. We schudden elkaar de hand en daarmee was de overeenkomst bezegeld. Zo. Daar ben ik dan. Laat ik me kort voorstellen.
Even voorstellen
Mijn naam is Marcel Koolen. Geboren en getogen in Deurne. Mijn wieg stond in januari 1962 in een van de garages van Bakkerij Gerard Jacobs aan de Oude Liesselseweg, bij de spoorwegovergang. Ik heb dus in dezelfde straat gewoond als dokter Hendrik Wiegersma én Wim Kivits. Voorwaar, een veelbelovende start.
Genoeg over mij
Maar, voorlopig, genoeg over mij. Ik wil in deze eerste Koolumn Cees van den Broek in het zonnetje zetten. Want, wat velen niet weten is dat Cees ook een begenadigd schrijver van liedteksten is. Veel Deurnese artiesten hebben teksten van zijn hand gezongen. En nog steeds is Cees in dit metier actief en ongeëvenaard. Al meer dan drie decennia!
Wie kent er niet het lied Boerebloaskapel (Ik ben blij dat ik je niet vergeten ben van Joost Nuissl) van Ons Jonges waarmee hij de Hôsbengels eerde? Of, Zweten is Fijn (Sweet Caroline van Neil Diamond) van de PR|CIE? Hij moet ruim honderd liedjes van een nieuwe tekst hebben voorzien en heeft daarmee de Deurnese gemeenschap op de Klotgemul- en Quatsja!-avonden aangenaam weten te verpozen.
De laatste die daarmee te koop loopt is Cees. Maar, ere wie ere toekomt, vandaar dat ik hem op deze plek graag een veer in de bips steek. Cees, het ga je bijzonder en hopelijk mij ook.















