Afbeelding

Het gele gevaar

Algemeen 322 keer gelezen

‘Je ziet er steeds meer hè’ zei mijn kameraad terwijl hij geroutineerd twee vingers omhoogstak naar de ober. We zaten op een terras in Valkenburg, het toeristisch afvoerputje van Nederland en met afstand het afgrijselijkste wat Limburg te bieden heeft. In het waterig zonnetje van begin januari staarden we (onder behaaglijke biggenlampen) naar een bus cameraklikkende Japanners die leegliep op het pleintje voor ons. 

‘Dat zijn dus écht geen Japanners en zéker geen toeristen’. Ik ging er eens goed voor zitten; meestal kwam er na zo’n wilde opmerking wel een fantastisch verhaal, zeker na een paar potten bier. Ook dit keer stelde hij niet teleur. ‘Dat zijn allemaal Chinezen die komen verkennen voor als ze straks hier binnen gaan vallen.’ 

Hij gebaarde nogmaals ongeduldig naar de ober die geruststellend knikte. ‘Daarom maken ze ook al die foto’s; die worden als ze ginds terug komen allemaal aan mekaar geplakt zodat ze weten waar ze hier moeten zijn. Let maar eens op; ze zorgen altijd dat er ook een gebouw opstaat.’ Ik voerde aan dat er toch echt verschillen zijn tussen Japanners en Chinezen en dat als een vreemde mogendheid iets over ons land zou willen weten ze gewoon op Google konden klikken. Hij vermoorde beide argumenten in een oogwenk: ‘Die gasten ginds weten verrekt goed dat wij het verschil toch niet zien en met Google willen ze al helemaal niks te maken hebben; da’s Amerikaans en da’s bij hun gewoon fout. Maar je kunt het er ook aan af zien.’ 

Onze bestelling arriveerde en hij nam een slok. ‘Kijk, die Japanners eten alleen maar rauwe vis en Chinezen, ja die vreten gewoon alles wat los en vast zit’ Hij veegde met de achterkant van zijn hand het schuim van zijn bovenlip. ‘Kijk daar maar.’ Hij wees naar de andere kant van het plein. De oosterlingen uit de touringcar hadden het lokale frietkot ontdekt en stonden er frikandellen naar binnen te werken. Ik liet zijn hele betoog even bezinken terwijl ik mijn biertje dronk tot hij met een klap zijn lege glas neerzette. ‘Een hapje eten dadelijk? Chinees of zo?’ Ik twijfelde toch even voor ik instemde. Het ga u bijzonder en mij ook.

Uit de krant