Tim Arts met zijn baret en militaire onderscheidingen. (Foto: Hein van Bakel)

Tim sleept de oorlog nog steeds met zich mee

donderdag 7 mei 2020 - 11:45|Maarten Driessen

SOMEREN/HEUSDEN – Dodenherdenking deed de herinneringen van Tim Arts maandag opnieuw opleven. De Somerenaar diende twee keer in Afghanistan en zag al op jonge leeftijd de meest verschrikkelijke dingen. Herinneringen die ruim tien jaar later nog steeds aan hem kleven, zijn verzet ten spijt. “Ik heb geen slecht leven, maar het is niet wat ik ooit voor ogen had.”

Het lijkt Tim (31) in het bloed te zitten. Alsof een carrière bij de landmacht was voorbestemd, zo voelt het tenminste. Na een weinig succesvolle exercitie bij elektro en techniek vindt de geboren Heusdenaar in het leger zijn heil. Eind 2006 mag hij zich na een succesvolle opleiding officieel tankchauffeur noemen, dan pas net 18 jaar oud. Terwijl leeftijdsgenoten hun eerste Peugot 306 aanschaffen heeft Tim ruim vijftig ton onder zijn kont. Kortom, het avontuur kan beginnen.

Maar sneller dan verwacht wordt hij op zijn wenken bediend. Precies een jaar later blijkt Afghanistan zijn eerste bestemming. De nood is daar inmiddels hoog, de Taliban neemt de Nederlandse kampen al een tijdje stevig onder vuur. Normaliter krijgen militairen minstens een half jaar om zich voor te bereiden, maar het eskadron van Tim wordt nog dezelfde week op het vliegtuig gezet. De Somerenaar – dan 19 jaar - belandt in Kamp Hadrian nabij Deh Rawod, een stadje vierhonderd kilometer van Kabul. “Ik had totaal geen angst. Maar je bent overdonderd, euforisch, je gaat doen waarvoor je bent getraind. Wat betreft basisvaardigheden was ik voldoende voorbereid. Alleen het stukje mentaal, het stukje bewustwording over waar je terechtkomt, dat was er niet. Daarvoor was simpelweg geen tijd. En dan sta je daar ineens”, herinnert Tim.

‘Ik hoorde ineens een zoemend geluid en daarna een harde klap’

“Na een week werden we voor het eerst aangevallen. Ik liep de douches uit en hoorde ineens een zoemend geluid en daarna een harde klap. Er vloog een raket in het gebouw naast me. Ik was beduusd. Ik schrok niet echt, maar kreeg een soort waas voor mijn ogen. Om me heen lagen overal brandende deeltjes. Was dat ding een paar meter naar links terechtgekomen, dan was het meteen klaar geweest.” Het is menens, weet Tim dan. “Niet iedere dag, maar meerdere keren per week werden we aangevallen. Ik snapte vrij snel waarom die jongens onder zo’n extreme druk stonden.”

Waar gevechtstroepen regelmatig op pad gaan, moeten Tim en zijn collega’s de ‘randzaken’ binnen het kamp regelen. Een van Tims taken is het fouilleren van kampbezoekers. De lokale bevolking leegt bijvoorbeeld de toiletten en poetst, en er komen gewonden voor verzorging. Tim controleert of zij geen bommen, drugs of andere zaken bij zich hebben. “Ik heb veel gewonden gezien. Dat was heftig. Vrouwen en kinderen, soms helemaal verminkt en verbrand. Ogen eruit. Die beelden staan op mijn netvlies gebrand, daar heb ik nu nog last van. Als ik kleine kinderen zie dan komt dat weer bovendrijven.”

Zo werkt hij tien weken waarna zijn eerste uitzending erop zit. Maar voordat zijn eskadron naar Nederland gaat, wordt er eerst op Kreta geland. Daar krijgen ze drie dagen de tijd om te acclimatiseren, groepsgesprekken te houden en ervaringen te delen met een psycholoog. Maar anders dan gebruikelijk zit Tim daar niet met de jongens met wie hij in Kamp Hadrian nauw samenwerkte. Praten verandert daardoor hoofdzakelijk in bier drinken. “Niemand wilde echt vertellen. Je gaat geen persoonlijke zaken delen omdat anderen dat zelf niet hebben meegemaakt. In mijn beleving heeft Defensie daar echt gefaald. Ik heb niets verwerkt, maar vooral opgekropt. Ik kwam thuis in diezelfde vechtmodus, mijn adrenaline wilde niet meer zakken.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding


Tim Arts tijdens een uitzending in Afghanistan.

Kamp Holland
Een andere Tim keert terug, ontdekken zijn ouders, schoonouders en zijn vrouw Nelleke. Zelf wil hij er dan nog niet aan. “Ik denk dat ik in ontkenning zat. Gewoon weggedrukt. Ik was gespannen, snel opgefokt, snel ruzie zoeken. Er zat geen rem meer op. Als ik ruzie kreeg, dan dacht ik alleen: die vent moet dood. Gelukkig is er toen niks ernstigs gebeurd, maar ik besef dat het ook anders had kunnen aflopen.”

Het dagelijks leven in Nederland wordt niet meer wat het ooit was. Het liefst keert hij zo snel mogelijk terug naar Afghanistan. Gevoelsmatig kan hij alleen daar zijn ei nog kwijt. Hij meldt zich vrijwillig aan maar wordt niet gekozen, maar een jaar later krijgt hij alsnog groen licht. In maart 2009 vertrekt hij opnieuw, nu naar het welbekende Kamp Holland. “Daar zijn ook heftige dingen gebeurd, maar veel minder dan tijdens mijn eerste uitzending. Nu hadden we er een jaar naartoe gewerkt en was er meer tijd voor ontspanning en verwerking. Ik ging er wel met meer angst heen, omdat ik wist hoe heftig het kan zijn. In je hoofd ga je uit van dezelfde situatie, en eerder had ik al geluk gehad.” Binnen een week vliegt het mortiervuur hem alweer om de oren. Shit, denkt Tim dan. “Daarbij kwam een collega uit een andere eenheid om het leven, dat was meteen een harde klap. Mijn agressie kwam terug, maar dan tien keer erger. En niet alleen bij mij, maar bij heel veel mannen.”

'Je kan je been kwijtraken, je kan doodgaan, er kan altijd iets gebeuren'

Dit keer gaat hij wel op patrouille. Niet in een tank, want die heeft Nederland nooit naar Afghanistan gestuurd, al was dat volgens Tim niet onverstandig geweest. Maar goed, hij moet het dus met een jeep doen. “De eerste keer buiten het kamp vonden we meteen een bermbom die we onschadelijk moesten maken. Dan ga je weer nadenken. Ik moest toen vaak rijden, en kreeg steeds meer het gevoel dat ik elke seconde op zo’n bermbom kon rijden. Die spanning. Je kan je been kwijtraken, je kan doodgaan, er kan altijd iets gebeuren.”

Vijf maanden later neemt hij afscheid van Kamp Holland. Ook uitzending twee is tot een goed einde volbracht. Eenmaal terug in Nederland barst Tim van de ambities. Hij moet en zal het maken in het leger, het liefst in een functie van aanzien. Aan zijn motivatie en kwaliteiten ligt het in ieder geval niet. Maar dan beginnen de herinneringen weer door zijn hoofd te spoken. Hij slaapt slecht, herbeleeft van alles, wordt angstig en ziet zijn lontje nog korter worden. “Ik was vijf dagen achter elkaar wakker. Terug op de kazerne moest ik een tocht afleggen, die ik normaal met twee vingers in de neus loop. Maar na één kilometer ben ik flauwgevallen. Het licht ging uit. Toen kwam het besef: het gaat niet goed.” Tests wijzen uit dat Tim met een depressie en een posttraumatische-stressstoornis (PTSS) kampt. Vanaf dan gaat het hard achteruit, en eind 2011 komt hij ziek thuis te zitten. “Ik kon eigenlijk helemaal niets meer, kwam bijna niet meer buiten. Als er een pakketbezorger aan de deur kwam, dan was ik zo bang voor de bel dat ik jankend op bed ging zitten. Ik durfde niet meer naar de winkel, kwam bijna niet meer bij vrienden. Alles kwam er in één keer uit. Dat was bizar. Het sloeg helemaal om.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding


Tim Arts tijdens een uitzending in Afghanistan.

Ontslagen
Na een tijdje dient hij terug aan het werk te gaan. Maar daar wordt de druk zodanig opgevoerd dat hij het al snel niet meer trekt. Tim blijft voortaan thuis, het is genoeg geweest. En eveneens pijnlijk: Defensie laat maanden niets van zich horen. Geen belletje, geen brief, niets. Daarna krijgt hij weer wat simpele klussen, auto’s poetsen bijvoorbeeld, en dat helpt. Maar afgelopen januari wordt Arts op medische gronden ontslagen. “Dat wilde ik absoluut niet. Maar ik had al vijf jaar niets meer gedaan. Ik weet dat ik dit niet meer kan, en ook niet meer moet willen. Maar mijn ontslag heeft me veel pijn gedaan.”

En nu? Tim krijgt voor de rest van zijn leven een uitkering, deels door Defensie betaald. Maar hij vindt dat hij recht heeft op meer. Volgens Tim heeft Defensie veel procedurele fouten gemaakt en zou hij – bij een goede gezondheid – nu een rang of drie hoger zijn. Ook de extra kosten spelen een rol. “Mijn vrouw kan bijvoorbeeld minder werken omdat ze meer in het huishouden moet doen, en iedere maand moeten we nieuw beddengoed halen omdat ik regelmatig badend in het zweet wakker wordt.” Een advocaat mag het geschil met Defensie nu gaan uitvechten. Tim rekent op een proces van minimaal enkele jaren.

‘Als niemand erover vertelt, dan wordt het ook nooit bekend’

Veel belangrijker nog is zijn gezondheid. De uitzendingen van toen sleept hij tot de dag van vandaag mee. “Ik ben er eigenlijk bijna de hele dag mee bezig. Angstaanvallen, een sociale contactstoornis, en mijn korte termijn geheugen is heel slecht. Ik kan me niet herinneren wat ik gisteren heb gegeten.” Gelukkig heeft hij in Nelleke een belangrijke, zo niet essentiële steun en toeverlaat. “Dat is echt niet normaal, daar heb ik heel veel geluk mee gehad. Zonder Nelleke was ik er niet meer geweest, dat weet ik eigenlijk zeker. Ik ben een tijdje zo depressief en angstig geweest dat ik niet meer wou, en ook niet meer kon leven. Toen ben ik even opgenomen, om te leren hoe ik daar beter mee om kon gaan. Zonder Nelleke was mijn wereld zo klein geworden, dat het verkeerd was afgelopen.”

Recent komen de twee tot een moeilijke maar dappere beslissing. Ze besluiten om geen kinderen te nemen. “Terwijl ik dat heel graag zou willen. Maar ik moet daar gewoon niet aan beginnen. De druk op Nelleke zou te groot worden, ze zou dan voor ons beiden moeten zorgen. En ik ben bang dat ik het kind zou verwaarlozen. Maar al je vrienden krijgen kinderen, behalen hogere functies, en ik blijf stil staan. Dat is een verwerkingsproces. Maar ik heb geen seconde spijt dat ik in dienst ben gegaan.”

Tim had graag een vrolijker verhaal verteld. Maar het is zoals het is, besluit hij nuchter. “Het zal nooit meer helemaal goed komen. Daarom leef ik van dag tot dag. Ik heb geen slecht leven, maar het is niet wat ik voor ogen had. Ik probeer daarom van de kleine dingen te genieten.” Ook is hij blij dat hij zijn verhaal kwijt kan. Het voelt als onderdeel van zijn verwerkingsproces, en niet alleen dat. “Als niemand erover vertelt, dan wordt het ook nooit bekend. Ik zou het fijn vinden als mensen ervan bewust worden dat er nog steeds oorlog is, en wat daarvan de gevolgen kunnen zijn.”

Gerelateerde nieuwsberichten

Veel onduidelijk na heftige geweldsdelicten in Deurne DEURNE - Een bijzonder gewelddadige nacht in Deurne. De politie doet onderzoek naar zowel een steekpartij als een openlijke geweldpleging en is op zoek naar getuigen. Rond 1.30 uur werd... 15 augustus 2020 - 10:42
Natuurdorpen moeten boer en burger samenbrengen in de Peel DE PEEL – Vijf of zes ‘natuurdorpen’ en 3.500 hectare nieuwe natuur. Dat zijn de ambitieuze plannen van Jan Ottens uit het Brabantse Zeeland. Maar eerst moet hij om tafel... 14 augustus 2020 - 14:53
Met Peelgids op pad in de Deurnsche Peel DEURNE - Staatsbosbeheer biedt regelmatig excursies aan in Nationaal Park De Groote Peel. Maar binnenkort kan je ook genieten van begeleide wandelingen in één van de andere Peelvenen; de Deurnsche... 14 augustus 2020 - 10:21
Wereldwinkel schenkt 1650 euro aan goed doel in Mexico DEURNE - Bij de sluiting van de Wereldwinkel in Deurne in december hebben de medewerkers spullen verkocht die werden gebruikt voor voorlichting. De opbrengst daarvan is geschonken aan een project... 14 augustus 2020 - 10:13
Deurne vraagt inwoners mening over afval scheiden DEURNE - PMD, GFT, papier, glas, restafval. Inwoners zijn bijna dagelijks bezig met het scheiden van afval. In de gemeente Deurne zijn we daar goed in. Deurne haalt al enkele... 14 augustus 2020 - 09:50
Blikseminslag in boom in Zeilberg ZEILBERG - In de Margrietstraat in Zeilberg is donderdagavond tijdens een onweersbui een boom getroffen door de bliksem. De boomtakken die afbraken zijn opgeruimd door de brandweer om zo de... 14 augustus 2020 - 09:17