Schoolfoto Maria en Martha

Het verhaal van de familie Driessen

vrijdag 15 november 2019 - 10:59|Jan Driessen

De Tweede Wereldoorlog woedde in de periode 1940-1944 ook in de Peel. Nu, 75 jaar later, staan we stil bij onze bevrijding. Een jaar lang blikken we in deze rubriek terug op de gebeurtenissen van toen. Van algemene verhalen tot persoonlijke herinneringen uit Asten, Someren, Deurne en omgeving. Vandaag aflevering 45: Het verhaal van de familie Driessen.

In het boek ‘Geschiedenis van Someren in de Tweede Wereldoorlog’ werd verhaald over het gezin van Driek (Henricus) Driessen en Dina (Goverdina) van de Ven aan de Beemdstraat 1 in Someren, nabij Sluis XI.  Van dat gezin - bestaande uit zeven kinderen en de inwonende moeder van mevrouw Driessen - leven enkel de twee jongsten nog, Maria en Martha. Nu de oorlogstijd dit jaar uitgebreid wordt herdacht, komen de pijnlijke herinneringen weer bij hen op. Maar dat er wordt herdacht, vinden ze een goede zaak. Maria: “Ieder jaar opnieuw die herdenkingsdag. Die moet niet verloren gaan voor de jeugd, want die moet weten wat ’t bij velen van ons heeft gedaan … en nog doet.”

Op 11 mei 1940 hebben Nederlandse soldaten bij de Zuid-Willemsvaart provisorisch een verdedigingslinie aangelegd, nadat ze de dag ervoor halsoverkop de Peel-Raamstelling hebben verlaten. Met name bij Sluis XI bieden Nederlandse militairen fors tegenstand tegen de Duitse troepen. Maar de overmacht blijkt te groot. Vijf Nederlandse soldaten verstoppen zich bij de familie Driessen in de kelder; ze trekken kleding aan van vader Driessen, onder meer zijn trouwpak. Het mag niet baten. De Duitsers hebben hen zo gevonden, ze worden gevangengenomen en naar Hotel Gitzels in Asten overgebracht. Het zal voor het gezin Driessen niet het enige moment zijn dat de oorlog erg dichtbij komt. Martha is dan net geboren. Maria, 4 jaar oud, herinnert zich van deze eerste gebeurtenis niet zoveel.  

'Volgens mij aten we die dag rode kool'

Op 20 mei 1944 vindt vader Driessen bij het omspitten van een akker een onbekend voorwerp, een verroest stuk ijzer. Hij besluit het mee naar huis te nemen. Niemand weet wat het is. Daarom graaft vader Driessen een diep gat en stopt het ding erin. Na het middageten gaan hij en zijn vrouw een dutje doen. De kinderen gaan buiten spelen met onder andere Thieuke Vossen. Bij buurman Hendrik van Bree is ene Albert Peijnenburg uit Schijndel ondergedoken. Als de kinderen hem over de vondst van hun vader vertellen, besluiten ze het voorwerp weer op te graven. Met een hamer en een beitel proberen ze het stuk ijzer kapot te krijgen. Dan ontploft het ineens, de knal is tot in de verre omtrek te horen. Thieuke Vossen is op slag dood, Johan en Peter Driessen komen er met lichte verwondingen vanaf en Albert Peijnenburg raakt zijn hand kwijt. Martha herinnert zich dat ze door het raam haar broer ziet lopen met het lichaam van Thieuke in zijn armen. Het blijft niet bij dit ene drama. Op 20 september 1944 komen de Engelsen Someren binnengereden en de dagen daarna wordt er enorm gevochten rondom het bruggenhoofd bij Sluis XI. Voor het huis van de familie Driessen ligt een Duits mitrailleursnest. Als de Engelsen daarop stuiten, breekt een vuurgevecht uit. Martha: “Volgens mij aten we die dag rode kool.” De boerderij van de familie Driessen wordt in brand geschoten en het hele pand, inclusief inventaris en vee, gaat in vlammen op.  


Martha bij een afgebrand huis.

Maria, die dan acht jaar oud is: “Wij zaten met ons gezin in de kelder, totdat er opeens rook binnenkwam. Onze vader riep: ‘Kom uit de kelder want ’t huis staat in brand!’ Toen gingen we met z’n allen naar de schuilkelder. Ik kan me nog herinneren dat de kogels langs mijn oren floten, maar toen we in de schuilkelder waren, zaten we veilig. We waren daar met drie gezinnen. Hoe lang we daar gezeten hebben, kan ik niet zeggen, maar ik dacht vier ȧ vijf dagen en nachten. Af en toe ging er iemand buiten kijken. Vooral moeder deed dat, soms ging ze peren halen; ook ging iemand als het even kon een koe melken. Maar vader kwam de kelder niet uit, het was alsof hij een voorgevoel had over wat er ging komen. Alle koeien waren door de brand omgekomen, op één na; die was losgebroken en liep ergens te dwalen." Het gezin verlaat op zeker moment de schuilkelder en vlucht met grootmoeder en enkele buren richting het centrum van Someren. Besloten wordt dat oudste dochter Jo en Maria samen met grootmoeder een andere route naar het dorp zullen nemen. Daar speelt zich op vrijdagmiddag 22 september een nieuw drama af. Maria: “In het dorp bij het transformatiehuis aangekomen sloeg het noodlot toe. Vader werd geraakt door een granaat, hij was op slag dood. Moeder raakte ernstig gewond en toen heeft iemand haar bij Café Wijlaars binnengebracht, vanwaar ze later met een vrachtwagen tussen de soldaten naar België is vervoerd. Daar heeft ze enige tijd in het ziekenhuis gelegen. Ze leerde mensen kennen die later nog ooit bij ons zijn geweest, de familie De Bruin. Zij brachten chocolade mee, dat kan ik me nog herinneren.”

Martha, toen vier jaar oud, weet nog dat haar vader riep: “Je moet op de grond gaan liggen!” Maar ze herinnert zich dat ze toch was blijven staan. Wonderwel kreeg ze slechts een scherfje in haar arm. Ze herinnert zich ook dat ze haar ouders helemaal in het bloed op straat zag liggen. Wat er daarna gebeurde, is ze kwijt. EHBO-ers brengen het lichaam van vader Driessen naar het zusterklooster en de zwaargewonde moeder Driessen wordt overgebracht naar een ziekenhuis in het Belgische Genk. Daar krijgt ze pas zes weken later haar eerste bezoek, van haar zoon Harrie en een oom. Wanneer ze precies verneemt dat haar man is overleden is niet duidelijk, maar daar zijn minstens enkele weken overheen gegaan. Haar dochter Jo heeft pas op 2 oktober het overlijden van haar vader bij de Burgerlijke Stand kunnen aangeven. Maar Jo weet dan nog niet waar haar moeder is. Het verhaal gaat dat moeder Driessen later in het ziekenhuis vraagt waar het geld was gebleven. Welk geld bedoelde ze? Haar man zou bij het overhaaste vertrek uit hun woning al het geld in zijn kleding hebben gestopt. Maar hij is met kleding en al begraven. Het lichaam zou vervolgens zijn opgegraven en het geld zou inderdaad in zijn kleding zijn aangetroffen. Maria kent dit verhaal, maar weet niet of het echt zo is gegaan.


Het gezin van Dries Driessen.

De Ordedienst zorgt ervoor dat de jongens in een huisje bij Gradje Lommen in de Zandstraat terechtkunnen. De meisjes verblijven in eerste instantie in het klooster waar ook grootmoeder wordt opgenomen. Vervolgens krijgen ze onderdak bij de buren totdat moeder weer terugkomt. Dan worden in snel tempo twee kippenhokken provisorisch ingericht en woont het gezin weer op zijn vertrouwde eigen plek. Vanaf een absoluut nulpunt moet alles weer worden opgebouwd. De HARK (Hulp Actie Rode Kruis) geeft ondersteuning maar de verdeling van de goederen gaat niet altijd eerlijk, herinneren Maria en Martha zich. Ze zijn dan ook blij als moeder terug is en ze weer bij elkaar zijn. Blijkbaar zijn niet veel mensen in hun omgeving zo zwaar getroffen als het gezin van de familie Driessen. Maria krijgt een jas van de HARK, die voor iedereen als zodanig herkenbaar is. Daar wordt ze mee gepest door de andere kinderen op school. Haar moeder bedenkt een oplossing: het jasje wordt blauw geverfd. Dat gebeurt niet al te professioneel, want Maria herinnert zich dat ze het witte kleed van de communiebank in de kerk deels blauw achterlaat als ze de hostie heeft gehaald. 

Ondanks de traumatische ervaringen die Martha en Maria hebben moeten beleven, kijken ze met trots terug op de manier waarop hun moeder daarna de draad weet op te pakken. Martha: “Ondanks dit zware verlies heeft ze samen met de kinderen weer een heel mooi bedrijf opgebouwd, een prachtig kippenbedrijf. Plus de koeien, varkens, noem maar op, maar vooral dat kippenbedrijf was haar trots. Mijn moeder was een hele sterke vrouw en een fijne moeder, samen met grootmoeder die ook bij ons woonde. Wij zijn nooit iets tekortgekomen. Het was een hecht gezin, waar ik nog dikwijls aan terug denk. Ons moeder een voorbeeld, mijn vader heb ik altijd erg gemist.”  

Gerelateerde nieuwsberichten

Waterschapsbelasting Aa en Maas en De Dommel stijgt licht REGIO – Waterschap Aa en Maas voert komend jaar een lichte belastingverhoging door. Een gemiddeld huishouden gaat op jaarbasis in ieder geval 1,34 euro, ofwel 0.4 procent meer betalen, voor... 6 december 2019 - 10:52
Strooptocht langs voetbalkantines in regio REGIO - Criminelen hebben het gemunt op de accommodaties van voetbalverenigingen in de regio. Zo werd er afgelopen week ingebroken bij SV Ondo in Heusden, SSE in Someren-Eind en SPV... 20 november 2019 - 09:12
Zijn onderduikersnaam was Hans van Nijmegen De Tweede Wereldoorlog woedde in de periode 1940-1944 ook in de Peel. Nu, 75 jaar later, staan we stil bij onze bevrijding. Een jaar lang blikken we in deze rubriek... 17 oktober 2019 - 13:38
De bevrijding van Someren en Asten De Tweede Wereldoorlog woedde in de periode 1940-1944 ook in de Peel. Nu, 75 jaar later, staan we stil bij onze bevrijding. Een jaar lang blikken we in deze rubriek... 13 september 2019 - 13:16
Rabobank Clubkas Campagne krijgt andere naam REGIO - De Rabobank Clubkas Campagne is van naam veranderd. De campagne gaat voortaan door het leven als Rabo ClubSupport. Ook de periode zal veranderen. Rabobank Peelland Zuid houdt ieder... 26 juli 2019 - 12:12
Kennedymarsweekend: zwaar, maar één groot feest SOMEREN - De 57ste editie van het Kennedymarsweekend zit erop. Zaterdagavond 6 juli werden de 1850 lopers, in een hoosbui, weggeschoten door burgemeester Blok. Ook was er dit jaar weer... 8 juli 2019 - 11:47