De voltallige familie Joosten in 1949.

De kronieken van de Neerkantse familie Joosten: deel 2

donderdag 10 oktober 2019 - 15:57|Piet Joosten

De Tweede Wereldoorlog woedde in de periode 1940-1944 ook in de Peel. Nu, 75 jaar later, staan we stil bij onze bevrijding. Een jaar lang blikken we in deze rubriek terug op de gebeurtenissen van toen. Van algemene verhalen tot persoonlijke herinneringen uit Asten, Someren, Deurne en omgeving. Vandaag aflevering 40: De kronieken van de Neerkantse familie Joosten (deel 2).

Vandaag deel twee van de oorlogsherinneringen van de familie Joosten uit Neerkant, zoals die zijn opgenomen in het boek dat zoon Piet in 1986 over zijn familie schreef. Hier gaat hij in op de bevrijdingsweken. 

Maandag 25 september 1944: Zo gaat ons gezin meerdere angstige weken tegemoet. Had men aanvankelijk gedacht dat het een kwestie van dagen zou zijn, al gauw blijkt dit een misvatting. Nadat Liessel op 25 september is bevrijd stokt het geallieerde offensief, althans, in onze omgeving. Er blijft slechts een kleine troepenmacht, in eerste instantie Engelsen, nadien afgelost door eenheden van de 7e Amerikaanse divisie.  Door deze strategie worden zowel Neerkant als Meijel tot ‘niemandsland’ verklaard. Enerzijds heb je de Duitsers die zich achter de kanalen verschansen en van daaruit vaak ’s nachts verkenningstochten ondernemen. Niet verrassend wordt er in die weken veel geroofd uit de inmiddels her en der verlaten woningen. De geallieerden hebben hun kampement opgeslagen in Asten, Deurne en Liessel en beperken hun activiteiten veelal tot het van tijd tot tijd patrouilleren. In deze situatie verblijft ons gezin voortdurend bij Hanneke en Tinus Smeets. Waar moeten ze immers ook heen? De scholen zijn dicht, het dagelijks leven ligt grotendeels stil. Vader en moeder zetten samen met Hanneke en Tinus alle zeilen bij om de vele mondjes dagelijks te kunnen vullen. Vele malen gaat men, soms in alle rust, soms ook onder dreigende gevaren naar het dorp om bepaalde boodschappen te doen, zoals het malen van graan. 

Tegenaanval
Op vrijdagmorgen 27 oktober nog voordat het licht is breekt de hel los. De al dagen verwachte en gevreesde Duitse tegenaanval is begonnen. Al sinds 20 oktober weten de geallieerden dat de Duitsers aan de overzijde van de kanalen iets aan het uitbroeden zijn. Het ronken van tanks en andere voertuigen werd steeds luider gehoord en via de plaatselijke ondergrondse is vernomen dat er massa’s munitie zijn aangevoerd. Eind oktober heeft de vijand ongeveer 14.000 man van de 344e Panzerdivisie in stelling gebracht. Tegenover deze overmacht staan slechts enkele Amerikaanse bataljons. Vanuit meerdere uitvalshoeken wordt de aanval ingezet. Onder een oorverdovend lawaai van artillerievuur, afgeschoten lichtkogels en het geratel van tanks komt de ene na de andere golf vanachter de kanalen tevoorschijn. Ze komen over de velden, door de sloten en langs de heggen. Her en der worden korenmijten in brand geschoten waarbij de rookontwikkeling voor extra dekking zorgt. In paniek vlucht iedereen de schuilkelder in. Eentje waarvan men zich overigens niet te veel moet voorstellen. Een ruimte van circa twintig vierkante meter met een plankenzolder en een raam boven de grond, met daaromheen een aardewal. Maar goed, het is altijd nog veiliger dan elders. We zitten nu weer middenin de oorlog. Overal liggen Duitse soldaten verscholen. Een mitrailleurvuur van de ‘Tommy’s’ met lichtkogels ertussen zweeft over het veld, net alsof een schoorsteen aan het uitbranden is. Op ellebogen en knieën kruipen de Duitsers eronderdoor.


De kaart van de Duitse tegenaanval.

Het is inmiddels licht geworden en de aanvalsgolven luwen grotendeels. Het begint wat rustiger te worden. Vluchten is er vanaf dat moment niet meer bij. Het strijdtoneel heeft zich verplaatst naar de Heitrak, Sloot en Dennendijk. Tegen de avond hebben de Tommy’s de Duitse troepenmacht al een heel stuk richting kanaal teruggedrongen. Maar toen! Ten oosten van Neerkant komen Tiger-tanks dwars door het veld vanaf Meijel gereden. Met tientallen tegelijk, de Tommy’s zijn snel verdwenen. Op een van die tanks staat een Duitse officier die schreeuwt: ‘Versammeln!’ Het is net alsof de Duitse soldaten uit de grond omhoogkomen, met drommen van honderden tegelijk. Ze verzamelen zich bij de boerderijen van Grard Crommentuyn en Verdeuzeldonk. Het is onvoorstelbaar hoeveel granaten er in dat tijdsbestek daar zijn terechtgekomen. ’s Avonds om 22.00 uur ziet men de tanks weer vertrekken richting Neerkant. Wat er deze nacht gebeurt, is met geen pen te beschrijven. De hele nacht richten de Tommy’s hun kanonnen op het weerloze dorp. Duizenden granten worden er losgelaten, met alle gevolgen van dien. Tegen de morgen is het weer rustig en kruipt vader door sloten en greppels om in het dorp levensmiddelen te halen. Later zal hij nog vaak vertellen over wat hij daar aantreft: geen enkel huis onbeschadigd, vele in puin en bijna niemand van de eigen bevolking aanwezig.   

Compleet verwoest
De Duitsers zijn ondertussen druk in de weer met het verzamelen van hun eigen doden. Wel een hele vrachtwagen vol. Later zegt men dat het er zo’n negentig zijn. Bij bakker Franssen zoekt vader tussen de kalk en het glas een aantal mikken bij elkaar. Hij is goed en wel het dorp uit of de granaten gieren alweer rond, dus vliegt hij rap de sloot in. Terwijl hij daar ligt, ziet hij hoe Neerkant en vooral de kerktoren het moeten ontgelden. Binnen een half uur is de kerktoren verdwenen en de gehele kerk, zo blijkt later, doorschoten. Neerkant is in Duitse handen, en dus moet de uitkijktoren door de Tommy’s worden geruimd. In één nacht en ochtend is ons dorp door oorlogsgeweld vernietigd, waarbij ook burgerslachtoffers te betreuren zijn. Gelukkig zijn veel inwoners die ochtend, toen het nog kon, naar veiliger oord gevlucht. 


Restanten van de voormailge kerk van Neerkant.

In de dagen daarna sneuvelen de soldaten bij bosjes. De doden blijven achter, terwijl de gewonden naar de Rode Kruisposten worden afgevoerd. De jongste kinderen worden weggehouden van deze verwonde en soms danig verminkte soldaten. Maar soms vangen ze er toch een glimp van op en moet de helpende hand worden toegestoken. Mijn zus Ans moet voor een ernstig verminkte soldaat een glas melk gaan halen en aanreiken. Bij het aanschouwen van deze ellende zucht ze eens diep. De luitenant van het Rode Kruis ziet dat en zegt: ‘Angst?’ Ja, knikt Ans schuchter. ‘Das ist der Krieg’, is zijn kille antwoord. Dat ook sommige Duitsers het moeilijk hebben met deze oorlog, blijkt als men buiten een huilende soldaat aantreft. Hij heeft de tweejarige Joke op zijn knie en vertelt dat hij zelf ook twee kleine kinderen heeft. Het is hem allemaal te veel geworden. Hoewel de Rode Kruispost als schuilgelegenheid enige bescherming geniet, zijn de burgers voor menig Duitser een doorn in het oog. Regelmatig doen ze daarom pogingen hen weg te krijgen. Zo gebeurt het dat iedereen uit huis wordt gehaald en op een rij wordt neergezet, met daarbij een soldaat met het geweer in de aanslag. Op een dag verschijnt er een Duitse officier voor de kelderdeur. Hij beveelt iedereen om eruit te komen. Vader, niet bang, vertelt dat er zieken zijn, met tbc. Hiervoor zijn ze beducht en ze trekken zich schielijk terug. 

De slag
Dan komt de 15e Schotse divisie in allerijl vanuit Tilburg, de stad die ze zojuist hebben bevrijd. De slag om Liessel kan beginnen. Een ware stortregen van granaten wordt ook op dit al eerder getroffen dorp neergelaten. Geen record om trots op te zijn, maar in deze dagen worden alleen al vanaf geallieerde zijde maar liefst 35.000 granaten afgevuurd. Toren, kerken, huizen, alles lijdt hieronder. Zo ook de Neerkantse kerk, die dus eerder al stevig is getroffen. Dan ontploft er een geallieerde wagen met munitie en worden ook de kerkmuren onherstelbaar beschadigd. Tot grote droefenis van de Neerkantse bevolking moet de kerk daarna worden afgebroken. In Liessel liggen in die dagen ongeveer 240 doden begraven, van wie ongeveer de helft Duitsers. Ook de burgerij lijdt zware verliezen. In totaal zijn er 32 doden te betreuren. In Neerkant bedraagt dit aantal elf. In deze zware week verblijft onze familie nog steeds bij Tinus en Hanneke Smeets.

In de grootste spanning wordt opnieuw de komst van de bevrijders afgewacht. Vooral de laatste dagen zijn haast onmenselijk spannend. Want juist een vluchtend leger, de geschiedenis is wat dat betreft al eeuwenoud, is tot de meest gruwelijke dingen in staat. De bevrijding op 2 november is dan ook letterlijk en figuurlijk een ‘ware bevrijding’. Maar … een zware vlucht naar echt bevrijd gebied moet dan nog volgen. Omdat de vijand nog steeds in de nabije omgeving is, Meijel is immers nog volledig bezet, vinden de Tommy’s het raadzaam burgers naar veiligere oorden over te brengen. Alleen er is geen enkele vorm van vervoer beschikbaar. En weer moet het gezin Joosten, voor de derde maal, op de vlucht. Dit keer via Liessel naar Deurne. De pendax komt weer tevoorschijn en wordt volgeladen. De inmiddels zieke Joke belandt bovenop de oude kinderwagen, onder de persoonlijke bezittingen van Hanneke. Mijn zus Cisca verliest onderweg een klomp en moet op een klomp en een schoen verder. Zo zeult het gezelschap richting Liessel, over een totaal vernielde weg. Overal dode soldaten, dood vee, uitgebrande tanks en vernielde en afgebrande huizen. Nu ziet men pas echt hoe fel de gevechten zijn geweest. En welke verliezen men aan beide zijdes heeft geleden.  In de late middag komt vanuit Neerkant een stroom vluchtelingen in Liessel aan. Daar staat een trailer van de Boerenbond klaar om de mensen naar Deurne te brengen. Leden van de O.D. (Ordedienst) zijn hierbij behulpzaam en geven aanwijzingen. Eenmaal in Deurne vindt er een registratie plaats. De hongerige mensen worden onthaald met eigengebakken mik, roggebrood en boterhammen met suiker. Toch keren de zorgen snel terug, want het is niet niks als je met een gezin van elf in een bestaand gezin wordt opgenomen. Daarom worden de jongens, Leo en Wim, naar familie in Zeilberg gebracht. Terug in de Sint Jozefparochie zien ze op het terrein waar nu het Peellandcollege is gevestigd een tentenkamp, volop militairen, tanks en ander soort voertuigen. Wim (14) en Leo (13) kijken hun ogen uit. Op de Vlierdenseweg kopen ze boekjes ‘Speak English- speak Dutch’ die ze met de Engelsen ruilen voor sigaretten. Ook brengen ze regelmatig bruikbare zaken zoals potten met vet, witte mik en dergelijke mee uit de Engelse keuken.  


De oprukkende Schotten.

Vrij
Vader wil al snel terug naar Neerkant om de terugkeer van zijn gezin voor te bereiden. De O.D. probeert hem tegen te houden maar vader zet door. Vaak neemt hij Ans mee naar de boerderij van Hanneke, waar inmiddels ook de Tommy’s zijn ingekwartierd. An doet voor deze soldaten de was en bakt brood. ’s Avonds wordt er, zo goed en zo kwaad als het gaat, wat gebabbeld. De gepresenteerde sigaretten maakt ze meestal na een paar trekken weer uit en bewaart ze voor vader, die ook graag een sigaretje rookt maar niets heeft. Zo vindt de jaarwisseling ’44-45’ plaats. Weliswaar bevrijd maar toch in geen al te beste situatie. Er zijn nauwelijks verdiensten maar toch moeten dagelijkse vele mondjes worden gevuld. Vader doet zijn uiterste best om op allerlei manieren in de levensbehoeften te voorzien. In de Sint Jozef begint het toch van alle kanten moeilijker te worden en Liessel en Neerkant zijn inmiddels vrijgegeven. Ons gezin trekt daarom naar ‘d’n Hoek’ in Liessel, waar ze naast tante Bertha en oom Helmus een huis betrekken. Dat wil zeggen: de kamers daarvan die nog bruikbaar zijn. Zover dat nodig is en gaat, worden de oudste kinderen bij andere families ondergebracht. An en Wim gaan inmiddels met vader mee naar Neerkant om te werken. Op last van de gemeente is aan het kanaal in Neerkant begonnen met de bouw van houden barakken. Deze worden gebouwd van gevorderde kippenhokken. Op 18 mei 1945 wordt per paard en kar de terugtocht gemaakt naar een van die lege barakken. Deze is echter nog lang niet af. Er ligt nog geen vloer in, de ramen zijn met wat plastic afgedekt en de deur staat er nog los voor. De eerste nacht wordt daarom in het losse zand geslapen. Maar dat deert niet, we zijn weer thuis!

Deze eerste weken van ongemak kunnen er nog wel bij. Dat we op zaterdag de keuken en de kamer opharken, is wellicht een hele unieke situatie. Het leven is zeer primitief. Geen stroom, geen gas, alleen bruin peelwater. Dat is het gevolg van het feit dat het kanaal een tijd heeft drooggestaan en het grondwater is komen opzetten. Granaattrechters worden gedicht, daarna starten we met zaaien en poten. Er moet enorm sober worden geleefd. We hebben niet veel. Wat we bezitten komt veelal van de HARK (Hulp Actie Rode Kruis). Hoe er in die jaren in en om de barak wordt geleefd, staat bij alle kinderen diep in het geheugen gegrift. Drie slaapkamertjes waarvan één grote. Maar die moet door alle zeven meisjes en door mij worden gedeeld. Daarnaast worden de lege plekken gebruikt voor het optassen van het graan. In de winter worden in de ruimte die voor zitkamer door moet gaan ook nog eens de mangelwortels opgestapeld. Die zijn de volgende dag bestemd voor de koeien en mogen dus niet bevriezen. Zo krabbelt ons gezin langzaam maar zeker uit het diepe dal dat de voorbije tijd teweeg heeft gebracht. Een nieuw decennium staat voor de deur. Op naar de vijftiger jaren!  

Gerelateerde nieuwsberichten

Deurne heeft financiën op orde DEURNE- De gemeente presenteerde deze week de begroting voor 2020. Uit de cijfers blijkt dat Deurne het op financieel gebied, zeker in vergelijking met enkele andere gemeenten in de Peelregio,... 11 oktober 2019 - 14:48
Doornroosje doet het anders bij theatergroep Wizzel ZEILBERG - In het traditionele sprookje van Doornroosje is snel duidelijk waarom de wonderschone prinses in een diepe slaap geraakt: ze prikt zich aan een spinnewiel. Maar wat weten we... 11 oktober 2019 - 09:53
Recordaantal hindernissen op WK Bokkenollen GRIENDTSVEEN – Het WK Bokkenollen en het WK Limonollen hebben dit jaar een spectaculair hindernissenparcours met het grootste aantal hindernissen in de geschiedenis van het evenement. Zaterdag en zondag worden... 11 oktober 2019 - 09:32
De beschieting van het Groot Kasteel De Tweede Wereldoorlog woedde in de periode 1940-1944 ook in de Peel. Nu, 75 jaar later, staan we stil bij onze bevrijding. Een jaar lang blikken we in deze rubriek... 10 oktober 2019 - 15:41
Lezing heemkundekring over oorlog en bevrijding in Deurne DEURNE – Deurne 75 jaar bevrijd maar wat ging er aan vooraf. Dat is het thema van een lezing van heemkundekring HN Ouwerling, die woensdag 16 oktober plaatsvindt in cultuurcentrum... 10 oktober 2019 - 10:54
Herdenking kerkrazzia Helenaveen HELENAVEEN - Op 8 oktober was het 75 jaar geleden dat de kerkrazzia in Helenaveen plaatsvond. Dinsdagavond werd tijdens een herdenking stilgestaan bij dit intriest gebeuren. Om tien voor half... 10 oktober 2019 - 09:38